Oordelen en waarnemen

handlettered tekst: Don't be mean; foto door Ashley Whitlatch via Unsplash
Hoe gemeen(d) , of hoe waar, is jouw oordeel?

Van denken worden we moe- dus oordelen we maar wat (De oom van Loesje)

Waar begint denken? En waar houdt het op? Dat heeft alles te maken met waarnemen en oordelen. En het is één van de oudste vragen in de filosofie. Juist nu, in tijden van #fakenews, is het goed om daar over na te denken.

Waar-nemen en illusies

Autonomie (letterlijk: zelf-wetgeving), als individu zelf je leven inrichten en je eigen keuzes maken, begint met goed waarnemen. Je gebruikt de ervaring van je zintuigen als input voor je denken over de wereld. Om een zelfstandig denkend mens te zijn, is het noodzakelijk dat je je niet overlevert aan illusies die anderen je aanreiken, zoals allerlei nepnieuwsberichten.
Het fijne van denken over de wereld is dat je dat altijd kunt toetsen aan de werkelijkheid. Soms gaat dat op een heel ingewikkelde manier (bijvoorbeeld aantonen dat zwaartekrachtgolven bestaan én meetbaar zijn (dat laatste in tegenstelling tot de mening van Albert Einstein)). Wat je voor-waar-neemt, je aanname, blijkt dan waarheid te zijn, óf juist een illusie. Je wordt er in elk geval wijzer van.

Oordelen: een krachtig wapen

Ingewikkelder wordt het als je gaat nadenken over het typische gedrag van je collega en als je daar dan een oordeel over uitspreekt. Vaak weet je onvoldoende om te kunnen onderbouwen wat je vindt. En dan is een oordeel niet ‘een mening die je vormt na overleg of nadenken’ (na het ‘delen van je oor’ ;>)), maar slechts een mening. Vaak één die negatief of kritisch uitvalt. Als je je oordeel dan uitspreekt over iemand, ervaart die ander dat meestal niet als positief. Je kunt een ander kwetsen, en ook voor jouzelf is het niet gunstig om (ver)oordelend door het leven te gaan. Je wordt er geen prettigere persoon van.

Denken schiet te hulp

Achter je kinderwagen ren je naar trein. Met een beetje mazzel red je die nog net en kom je op tijd om je zoontje op te halen van school. Helaas: de conductrice fluit en de deuren sluiten. Je eerste impuls is waarschijnlijk iets als $%$#@$#%$E^&!!!

Het oordeel volgt automatisch niet lang na die scheldpartij. “Wat een TRUT! Ze zag me toch aan komen rennen? Ze had even op me moeten wachten!”

Neem liever even de tijd om stil te staan bij de feiten van de situatie, voor zover je die kunt kennen.

  • Ik weet niet zeker of de conductrice mij heeft gezien
  • Ik was te laat en de trein moet op tijd vertrekken. Er is geen ruimte om iets later weg te gaan in het drukke rooster in Nederland.
  • De conductrice kan er niets aan doen dat ik nu te laat op school kom (en dat ik baal als een stekker). Ik had iets eerder uit dat koffietentje weg moeten gaan.

Door even rustig na te denken, haal je de emotionele lading van de situatie af. Zowel voor jezelf, als voor de ander over wie je oordeelt. Dat maakt je milder. En dat is veel plezieriger dan mopperend en klagend door het leven gaan.

Je moet de waarheid niet verwarren met de mening van de meerderheid. (Loesje)

Iedereen vormt zich een mening, en oordeelt regelmatig. Daar is niet zoveel mis mee. Maar probeer er eens bij stil te staan hoe vaak je op een dag oordeelt, of iets meent, en hoe vaak je over iets nadenkt. Die verhouding wat meer in balans brengen levert veel op. Dan denk je zelf na, op basis van feiten, wat je van iets vindt en hol je niet achter de massa aan.

Minder vooroordelen, meer waarnemen: een goed voornemen voor het nieuwe jaar!

Lees ook eens

Share

Een reactie plaatsen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *