Waarom is leren zo belangrijk?

Silhouet van iemand met de gebalde vuist in de lucht gestoken tegen oranje achtergrond; Photo by Miguel Bruna on Unsplash
De vreugde van leren: je kunt iets, je hebt ergens macht over

Kunde = macht

Kunde betekent dat je ergens over kunt beschikken: het is een mogelijkheid met een eigenaar, een vaardigheid. Je kunt beschikken over iets (zoals kennis) wat er al was, maar wat nog niet van jou was. Als je iets hebt geleerd, kun je iets wat je daarvoor niet kon. Het ligt voortaan in jouw macht.

Leren is in-formeren

Elk soort leren is in-formeren, letterlijk: ergens inbrengen van de vorm. Wat en hoe je leert, sluit aan bij je beginpositie: je start al met een vorm die zich in de loop van de tijd heeft ontwikkeld. En je drukt je eigen stempel op wat je leert: het ‘cadeau’ verandert terwijl het wordt gegeven.

Leren denken is leren vormen

Leren denken is een bijzondere vorm van leren. Denken is het werken met vormen (begrippen). Je kunt niet om het even wat denken: het materiaal stelt zijn eigen beperkingen! Het een is denkbaar, het ander ondenkbaar.

Wat is beter denken?

Beter denken is bijvoorbeeld dat je, waar iets eerst simpel leek, de complexiteit ervan gaat inzien. Op die positie kom je doordat je denken botst met de wereld, én doordat begrippen (denkvormen) zelf onderling gaan botsen. Daardoor ontstaat er spanning in een begrip, totdat die onhoudbaar wordt en overgaat in een nieuw begrip. Je gaat dan denken over het denken zelf (in filosofentaal: je gaat je denken thematiseren).

Denkkunde

Je kunt dus zeggen dat leren denken inhoudt dat je je de vorm eigen maakt van het werken met vormen. Of, in andere woorden, dat je jezelf de vorm van het vormen eigen maakt.

Waarom is er een Gilde van filosofisch practici?

Je de vorm van het vormen eigen maken, dat is precies wat er gebeurt in het Gilde van filosofisch practici. Een gezel ontwikkelt zich, door te blijven leren en supervisie te ontvangen, in de richting van het meesterschap. Dan kun je een leerling of gezel begeleiden in zijn of haar ontwikkeling van de ‘denkkunde’, waarvan het denken-over-denken een belangrijk deel uitmaakt. Als gezel (en nog meer, als meester) heb je een visie op denken. Je hebt zicht op je eigen denkontwikkeling (welke categorieën/begrippen je hanteert, de geschiedenis daarvan, de mate waarin je denken vrij is geworden).

In een gesprek met een bezoeker speelt je eigen bewust gemaakte denken trouwens geen rechtstreekse rol. Voor zo’n gesprek moet je iedere keer terug naar je ‘beginner’s mind’, aansluiten bij hoe het is om minder te weten over (kunnen met) denken. De filosofisch practicus is een denkmentor: een meer ervaren persoon die, op basis van eigen kennis en ervaring, een minder ervaren persoon adviseert en begeleidt in de ontwikkeling van diens denken. Als denkmentor ben je nieuwsgierig, met focus op het denken zelf (de inhoud waarover iemand denkt, interesseert hem of haar niet echt).

Share

Een reactie plaatsen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *