Gek woord: filosofisch practicus?

Even voorstellen: handdruk

Weet jij wat ‘filosofisch practicus’ betekent? Wees gerust, er zijn nog niet veel mensen die daar meteen het antwoord op weten! Ik introduceer dit begrip graag bij je.

Herkomst van ‘practicus’

Volgens het online etymologiewoordenboek is het woord practicus voor het eerst gebruikt in 1949. P.H. van Laer gebruikte het in de publicatie Vreemde woorden in de natuurkunde om onderscheid te maken tussen een theoretisch natuurkundige en een praktisch natuurkundige.

Practicus (Lat.; plur. práctici-, = Gr. πρακτικός (praktikós) = bedrijvig, bezig; πράττειν (práttein) = doen, handelen). Iemand die practisch is, ervaren vakman. Practisch physicus = physicus die zich met de proefondervindelijke natuurkunde bezighoudt; in tegenstelling tot een → theoreticus.

Wat is een filosofisch practicus?

Een filosofisch practicus, of praktisch filosoof, brengt filosofie in de praktijk. Hij of zij is een ervaren vakman in de praktische toepassing van filosofie. Met andere woorden: een filosofisch practicus voert een gesprek met een bezoeker/klant over een praktische of ethische kwestie en gebruikt daarbij methoden en technieken uit de filosofie. Schoon luisteren, goede vragen stellen, doorvragen op gebruikte begrippen, bijvoorbeeld.

Dat is ander werk dan dat van de vakman in de academische filosofie. Wees dus niet bezorgd dat je wordt lastiggevallen met allerlei moeilijke woorden! Een gesprek voeren met een praktisch filosoof is minder ingewikkeld dan je nu misschien denkt.

Share

Een reactie plaatsen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *